Artikel 13: Geldmiddelen en contributie

  1. De geldmiddelen van de vereniging bestaan uit:
  2. (a) contributies van de leden;
  3. (b) ontvangsten uit wedstrijden en entreegelden;
  4. (c) subsidies, giften en andere inkomsten.
  5. De leden zijn jaarlijks gehouden tot het betalen van een contributie, die door de algemene vergadering van tijd tot tijd zal worden vastgesteld. Zij kunnen daartoe in categorieën worden ingedeeld, die een verschillende bijdrage betalen.
  6. Diegene, aan wie het predikaat erelid is verleend, is vrijgesteld van het betalen van contributie.
  7. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een boekjaar eindigt, blijft niettemin de contributie voor het gehele jaar verschuldigd.